terug naar de homepage
Depressie.eu geeft informatie over orthomoleculaire en complementaire behandelingen van depressies.
De orthomoleculaire voedingsleer gaat uit van het gezond maken en houden van het menselijk lichaam door middel van een optimale aanvoer van voedingsstoffen in de vorm van volwaardige voeding samen met het gebruik van voedingssupplementen.
Complementaire behandelwijzen zijn therapiëen en behandelingen die aanvullend op de reguliere geneeskunde kunnen worden ingezet.
Vetzuurstatus gerelateerd aan depressie
Artikel toegevoegd op: 1 februari 2007
Er wordt verondersteld dat omega-3 meervoudig onverzadigde vetzuren betrokken zijn bij de regulatie van de gemoedstoestand, maar epidemiologisch bewijs voor dit verband in de algemene bevolking ontbreekt tot op heden
Uit onderzoek is gebleken dat er bij ouderen in elk geval wel een verband bestaat tussen vetzuurstatus en depressie. 3884 mensen van 60 jaar en ouder werden onderzocht op depressieve symptomen bij dit Rotterdams onderzoek. Deelnemers die ‘positief’ scoorden, ondergingen een psychiatrisch interview om de depressieve stoornis te achterhalen.
Alle personen die depressief waren bevonden, werd bloed afgenomen om de plasma-fosfolipide concentraties te meten. De plasma-fosfolipiden zijn een goede indicatie voor de vetzuurstatus. Van 831 personen werd het percentage omega-6 en omega-3 vetzuren vergeleken en de verhouding hiertussen. Ook werd onderzocht of atherosclerose (aderverkalking) of de ontstekingsrespons, bepaald aan de hand van het C-reactieve eiwit (CRP), het onderliggende verband is tussen vetzuurstatus en depressie.
Het bleek dat bij personen met een depressieve stoornis de verhouding tussen omega-6 en omega-3 vetzuren hoger was. Bij mensen met een normale CRP-waarde waren lage concentraties omega-3 vetzuren aanwezig en de omega-6/3 verhouding was hoger. Deze afwijkende verhouding ten opzichte van mensen zonder depressie was niet het gevolg van eventueel aanwezige atherosclerose.
De conclusie luidt dan ook dat bij oudere mensen de vetzuurstatus gerelateerd is aan depressie. Doordat het verband niet het gevolg was van een ontstekingsrespons of atherosclerose, is het zeer waarschijnlijk dat een lagere omega-3 vetzuurstatus een directe negatieve invloed heeft op de gemoedstoestand.